logo zakelijk almelo

5 september 2022 – Sigrid Ivo

Waarom is een museum belangrijk voor een stad?

Het zijn de verhalen, de geschiedenis en het DNA van Almelo die het Stedelijk Museum Almelo bewaart en vertelt. Daarom hebben we collecties van schilderijen, meubilair, textiel, zilver, archeologie en veel meer. Ook bedrijfsarchieven zitten in onze collectie, evenals foto’s en filmmateriaal over Almelo, haar bedrijven, de monumenten,  de Tweede Wereldoorlog en de Stedelijke ontwikkeling.Het gaat niet alleen van het verleden, maar ook om het heden en de toekomst. Misschien gaan we ooit uw geschiedenis en erfgoed beheren.

De stad Almelo profileert zich als dé hightech- en maakstad van Twente , maar ook als dé stad van water, groen, talent en innovatie van Twente. De stad schudt het verleden graag van zich af en menigmaal hoor je dat sommige bewoners niets meer met het textielverleden van de stad te maken willen hebben. Maar juist met dank aan de textiel spelen hightech, water, groen en innovatie al tweehonderd jaar een rol in Almelo. Het verschil met het verleden is dat we aan deze termen tegenwoordig een andere invulling geven, maar ze zijn net zo actueel als twee eeuwen geleden. Want wist u dat de eerste stoommachine in Twente in gebruik werd genomen door de firma Hofkes & Co. Dat gebeurde  in de stoomspinnerij die bij het Stedelijk Museum om de hoek was gevestigd, aan de Marktstraat. Het was de eerste door stoom aangedreven katoenspinnerij. En wist u dat de rijksoverheid Almelo en Enschede bewust heeft aangewezen als de steden in Nederland, waar textielindustrie moest komen?  Dit had alles te maken met de aanwezigheid van waterwegen, het feit dat boeren konden weven en met de aanwezigheid van textielhandelaren. Na de splitsing van België en Nederland in 1830 had Nederland namelijk geen textielindustrie meer, terwijl we wel veel handel in textiel dreven met het buitenland. Dit zijn allemaal verbindingen met en verhalen over het verleden, heden en toekomst die wij in het Stedelijk Museum Almelo verzamelen, beheren en vertellen.

De economische waarde van een museum voor een stad
Tot zover de collectiewaarde van het Stedelijk Museum. U bent natuurlijk gekomen om iets te horen over de economische waarde en de bijdrage van een museum aan de stad. Even wat cijfers. Wist u dat  cultuur voor 3 procent bijdraagt aan het bruto nationaal product en  toerisme voor 4 procent? Dat is meer dan landbouw (2 procent) en sport (1 procent). De cultuursector en toerisme versterken elkaar enorm, en samen dragen ze dus voor 7 procent bij aan het bruto nationaal product

Een museum is tegenwoordig meer dan een collectie voorwerpen. Een museum kan een merk worden dat bezoekers trekt met zijn unique selling point, met storytelling , beleving, nieuwswaarde en actualiteit. Musea dragen bij aan de economie, ze zijn een toeristische trekpleister en verbeteren de leefbaarheid van de omgeving. Musea zorgen voor meer bezoekers in steden en dorpen, die dankzij een ‘dagje uit’ ook de lokale economie draaiende houden doordat ze hun museumbezoek  combineren met winkelen, een etentje of een hotelovernachting.

Als mooi voorbeeld wil ik de Fundatie in Zwolle noemen. Opvallend veel musea noemen zich geen museum meer,  More in Gorssel en Ruurlo, No Hero in Delden, Voorlinden in Wassenaar en de Fundatie in Zwolle. Als je aan Zwolle denkt noemen mensen de Fundatie.

Veel toeristen komen speciaal naar Zwolle voor de Fundatie met zijn aantrekkelijke en interessante exposities. De Fundatie levert de stad een positief imago op en draagt bij aan een gunstig vestigingsklimaat. Sinds de verbouwing van de Fundatie met de wolk – of is het een ei? – op het dak in 2013 is het bezoekersaantal meer dan verdubbeld: van ca. 90.000 naar 220.000 – 290.000 per jaar. Iedere museumbezoeker levert de binnenstad 2,5 keer de entreeprijs op. Als we dat omrekenen voor de Fundatie met een entreeprijs van 15 euro en gemiddeld 250.000 bezoekers per jaar, dan levert dat de Zwolse binnenstad rond de  9,3 miljoen euro op. Het museum ontvangt daarnaast een subsidie van iets meer dan 2 miljoen. Een positief rekensommetje is makkelijk gemaakt.

Musea zijn dus vaak merken geworden waarmee een stad zich kan profileren. Als u toeristen vraagt waarom ze naar Amsterdam komen, noemen ze Het Rijksmuseum met de Nachtwacht, het Anne Frankhuis om het achterhuis te zien en te beleven, het Van Gogh Museum en de grachten. Toeristen komen niet naar Amsterdam voor Ajax. De toeristen die alleen komen voor drugs en goedkope drank leveren de stad een slecht imago en overlast op.

Een land als Frankrijk gebruikt zijn cultuur heel bewust als marketinginstrument in het buitenland om meer toeristen naar Frankrijk te trekken. Zo heeft dat land in Abu Dhabi, de VAE (de Verenigde Arabische Emiraten), een Louvre Abu Dhabi gebouwd. Zo hoopt Frankrijk de toeristen die naar de VAE komen ook naar Parijs te lokken. Dat werkt beter en positiever dan dure reclamecampagnes. Zo denkt ook het beroemde tassenmerk Louis Vuitton. Het merkt bestaat al 180 jaar en heeft een enorme geschiedenis en een historische collectie van koffers en tassen. In plaats van dure reclamecampagnes organiseren ze in het buitenland grote exposities over hun merk, hun geschiedenis, over het reizen en design. Die leveren veel meer gratis en positieve publiciteit op dan betaalde reclamecampagnes. Bovendien bereiken ze daarmee makkelijker de mensen die het merk nog niet kennen. Uiteindelijk eindigen de bezoekers in een museumwinkel vol Louis Vuitton spullen. Natuurlijk zijn dit wereldse voorbeelden, maar het is altijd interessant om naar dit soort voorbeelden te kijken. Zo kunnen we leren hoe we het Stedelijk Museum Almelo en de stad Almelo verder kunnen neerzetten en meer bekendheid kunnen geven.

Het Stedelijk Museum Almelo wil daarin een voortrekkersrol spelen door meer bezoekers uit de regio en daarbuiten aan te trekken. Dat willen we realiseren door bovenregionale tentoonstellingen te organiseren en mogelijk te verhuizen naar een groter en mooier pand. Op die manier hopen we meer bezoekers binnen te halen en een positieve bijdrage te leveren aan het imago, het vestigingsklimaat en de economie van Almelo. Met de exposities over Barbies in 2020 en Sneakers in 2021 en een uitgebreide pr-campagne hebben we, ondanks de coronabeperkende  maatregelen, meer dan duizend bezoekers per maand uit heel Nederland naar Almelo kunnen trekken.

Tot slot: de educatieve waarde, de belevingswaarde en de verbindende waarde, kortweg de sociaal maatschappelijke waarde, die een museum voor een stad heeft. Kinderen en jongeren moeten liefst zo vroeg mogelijk kennismaken met cultuur en musea, zodat ze hun eigen identiteit volledig kunnen ontwikkelen. Musea bieden nieuwe vensters op de wereld of vergroten de bestaande vensters. Musea dragen verder bij aan het creatief denken van kinderen. Juist in een stad waar je kinderen hebt die van huis minder snel kennis maken met kunst en cultuur is het belangrijk dat ze er kennis mee maken.

Op sociaal maatschappelijk gebied kan een museum een rol spelen in de inburgering, de eenzaamheid en de vrijetijdsbesteding van Almeloërs en van Almeloërs met afstand tot de arbeidsmarkt.  Ik kom over deze waardes graag nog een andere keer vertellen bij Zakelijk Almelo. Helaas heeft u waarschijnlijk ook gelezen dat we ondanks onze mooie plannen een bezuiniging van 65 procent kregen waardoor we nauwelijks iets overhouden. Desondanks blijven we positief over een mooie (nieuwe) toekomst van het Stedelijke Museum Almelo. Wij hopen dan ook u te mogen begroeten als bezoeker (we hebben nu een expositie over verzamelaars) of misschien als donateur.

Immers Almelo verdient het om een mooi en succesvol museum te hebben.

Eerstvolgende bijeenkomsten

Bekijk de hele agenda

Bezoekadres
De bijeenkomsten vinden plaats in
restaurant Ledeboer
(Wierdensestraat 2, Almelo) en
beginnen om 17:00 uur.
Wij heten u daar graag van harte welkom.

c.heldeweg@gmail.com

Bekijk route online
TWENTHE TWENTHE
Copyright Zakelijk Almelo 2023